Dovenonderwijs

1820 – 1957: Molenaarsstraat 26, 9000 Gent
1957 – nu: Sint-Lievenspoortstraat 141, 9000 Gent

Dovenonderwijs sinds 1820

Het engagement van de Zusters van Liefde voor de Belgische dovengemeenschap gaat terug tot het begin van de 19de eeuw.

F1-BEL-Gent, Sint-Lievenspoort-025

In 1820 vertrok de jonge novice-zuster Theresia Verhulst naar Parijs om in het “Institut National pour Sourds-Muets” de nieuwe gebarentaalmethode van Abbé de l’Epée te leren.

Overste Triest zond een novice naar Parijs omdat een echte zuster die buiten het klooster verbleef – in Parijs dan nog – uit den boze was.

Een jaar na Theresia’s terugkeer werd  in de Molenaarsstraat op de kloostersite van Terhagen een school voor dove meisjes opgestart. Een primeur voor Vlaanderen!  De school kreeg van koning Willem I der Nederlanden (1772-1843) de eretitel ‘Koninklijk Instituut voor Doofstomme Meisjes’.

Door uitbreidingen van het Sint-Vincentiusziekenhuis en het sluiten van het Tehuis voor Gerechtskinderen verhuisde de dovenschool in 1957 naar de andere kant van Gent in de Sint-Lievenspoortstraat. De schoolgebouwen zijn recent volledig gerenoveerd.

Franse gebarenmethode

Tot 1868 gebruikten de zusters de Franse methode. Dit was een combinatie van gebarentaal, schrijven en vingerspelling. De gebarentaal was gebaseerd op de Franse grammatica. De leerlingen leerden dus eigenlijk ‘Frans’.

Spraakmethode wint terrein

Vanaf de 2de helft van de 19de eeuw won de orale methode terrein ten nadele van de gebarentaal. De zusters besloten om een gemengde methode toe te passen, een combinatie van gebaren, spraak en liplezen. Het Frans werd achterwege gelaten en de leerlingen leerden  nu Nederlands spreken.

De orale methode maakte gebruik van smaakstimulatie om de juiste mondstand voor de klinkers te bekomen. Zo werd azijn gebruikt om de letter “i” te produceren.

t

Triomf van het oralisme

Onder invloed van internationale tendenzen stapten  de zusters in 1880 abrupt over op een volledige orale methode. Pedagogen dachten dat leren spreken en liplezen de beste manier was voor doven om te integreren in de (horende) samenleving.

Dit creëerde de absurde toestand dat er op de school van de zusters enerzijds nog kinderen waren die gebaren gebruikten en anderzijds nieuwe leerlingen die dit net niet meer mochten.

Beide groepen werden volledig van elkaar gescheiden. Er waren zelfs twee verschillende wegen om naar de mis te gaan.

Nieuwe technologieën

In de loop van de 20ste eeuw ontstonden meer er meer technieken om het restgehoor van slechthorenden te stimuleren: radio’s, versterkers, koptelefoons, … . Later kwamen er gehoorapparaten en recenter cochleaire implantaten. Vanaf de jaren zestig gebruikten de zusters ook bewegingsritmiek, dans en muziek om geluid te laten ‘ervaren’ via vibratiegevoel en visueel vermogen.

F1_BEL_Gent_Sint-Lievenspoort_021_ca1961_Zr_Ernestine_met_Christine_Baert

Ondertussen nam het dovenonderwijs terug afstand van het pure oralisme. Vandaag wordt hier opnieuw een gemende methode toegepast. De Vlaamse gebarentaal is in 2006 zelfs  als een officiële taal erkend.


— Ga verder naar Opvang ‘gevallen’ vrouwen (1844)